ahp kop

 22 Januari 2019

Tips voor beginners Dresuur & Vaardigheid

Share

indoor 3

Enkele tips voor beginners  

Artikel 401 - Algemene bepalingen voor dressuur- en vaardigheidswedstrijden

1. De deelnemer is verplicht tijdens de gehele proef een zweep in de hand te houden. De zweep moet van dusdanige lengte zijn dat het (voorste paard) aan de schouder geraakt kan worden.

2. Alleen de deelnemer mag gedurende een proef de leidsels, zweep en rem hanteren. Behoudens in de Jeugdrubriek heeft overtreding hiervan uitsluiting tot gevolg.

Artikel 407 - Kleding

Voor deelnemers en grooms is correcte kleding is verplicht zowel tijdens het losrijden als tijdens de wedstrijd. Deze regel is ook van toepassing op de voorlezer van de deelnemer.

De deelnemers en grooms dienen als volgt gekleed te zijn:

– Heren: kostuum of combinatie, Let op: In Gorssel veiligheidshelm !!, schootskleed (Groom niet) en handschoenen (Groom ook !!!).

– Dames: kostuum, combinatie of rok, Let op: In Gorssel veiligheidshelm !!, schootskleed (Groom niet) en handschoenen (Groom ook !!!)

Voor zowel deelnemers als grooms is eveneens het verenigingstenue toegestaan. Bij de D+V wedstrijden in Gorssel is voor zowel de deelnemer als de groom een veiligheidshelm (EN 1384) tijdens de dressuur EN de vaardigheid verplicht.

Artikel 416 - Uitvoering van de dressuurproeven (Let op: GEEN peesbeschermers in de dressuur !!)

1. VOORLEZEN

De proeven mogen vanaf de zijkant van de ring of vanaf het rijtuig worden voorgelezen. De voorlezer moet correct gekleed zijn. Indien de voorlezer een verkeerde opdracht geeft, waardoor een vergissing in het programma wordt gemaakt, is de deelnemer hiervoor verantwoordelijk. De deelnemer wordt geacht de proef te kennen.

2. HET BINNENKOMEN

Een deelnemer moet zijn proef binnen 60 seconden na het startsignaal aanvangen. Indien de deelnemer dit niet doet of binnenkomt voordat het startsignaal gegeven is, kan dit uitsluiting tot gevolg hebben.

3. BEGIN / EINDE VAN DE PROEF

Een proef begint op het moment van het binnenkomen van de combinatie bij A en eindigt na de groet aan het einde van de proef als het paard voorwaarts gaat. Alle voorvallen voorafgaand aan het begin of na het einde van de proef hebben géén invloed op de cijfers. De deelnemer moet de ring verlaten, zoals is voorgeschreven in de proef. Meestal is dat: Bij A de ring verlaten, dus na het afgroeten eerst direct naar A rijden. Dan is de proef pas helemaal klaar en mag je doen wat je wilt.

 

 

4. GROETEN

Bij het halt houden voor de jury ( bij B en L proeven ALLEEN aan het einde van de proef !!) neemt de deelnemer de leidsels in de linkerhand. De zweep heeft de deelnemer in de rechterhand. De groet brengt de deelnemer met de zweep door deze rechtop, met de handpalm naar het gezicht toe, ter hoogte van de kin, voor het lichaam te houden.

5. FOUT IN DE PROEF

a. Indien een deelnemer een fout in de proef maakt wordt dit bestraft als een vergissing in het programma. In beginsel mag een deelnemer géén onderdeel van de proef opnieuw doen, behalve wanneer er door de voorzitter van de jury is beslist - door middel van het geven van een belsignaal - dat er een vergissing in het programma is gemaakt.

b. Wanneer een deelnemer echter begonnen is aan de uitvoering van een bepaald onderdeel van de proef en hij probeert vervolgens op eigen initiatief hetzelfde onderdeel te herhalen, moet de jury uitsluitend de eerste keer dat dit onderdeel werd uitgevoerd in ogenschouw nemen voor de waardering en dit handelen van de deelnemer tegelijkertijd bestraffen als een vergissing in het programma.

6. VERGISSING IN HET PROGRAMMA

a. Alle oefeningen die in de proef worden gevraagd, moeten in de aangegeven volgorde worden uitgevoerd. Gebeurt dat niet, dan is er sprake van een vergissing. Wanneer een deelnemer zich vergist moet de voorzitter van de jury de deelnemer door middel van een (bel)signaal waarschuwen.

b. De voorzitter van de jury wijst - indien nodig - de deelnemer het punt aan, waarop met de proef moet worden doorgegaan, onder vermelding van het volgende onderdeel, dat moet worden uitgevoerd. De deelnemer, die zich niet houdt aan de aanwijzingen van de voorzitter van de jury, kan - ter beoordeling van de voorzitter van de jury - worden uitgesloten.

c. Indien de deelnemer zich vergist in het voorgeschreven programma, maar het geven van een belsignaal daarentegen de vloeiende voortgang van de proef onnodig zou belemmeren, wordt het aan het oordeel van de voorzitter van de jury overgelaten of deze de deelnemer al dan niet op deze vergissing attent maakt door het geven van een belsignaal.

Artikel 423 - Prijsuitreiking

1. Prijswinnaars moeten bij de prijsuitreiking aanwezig zijn in wedstrijdtenue.

2. Alle geplaatste deelnemers moeten bij de prijsuitreiking aanwezig zijn tenzij in het vraagprogramma anders wordt vermeld.

3. Indien een prijswinnaar zonder geldige reden niet bij de prijsuitreiking aanwezig is vervallen de prijzen aan de wedstrijdgevende organisatie.

8. VERKENNING VAARDIGHEID

a. De voorzitter van de jury geeft door middel van een belsignaal aan dat het parcours is vrijgegeven voor verkenning. Deelnemers en grooms mogen alleen te voet in correcte kleding (wedstrijdtenue en helm in de hand) het parcours verkennen.

b. Wanneer een deelnemer of zijn begeleider/helper, op welke wijze ook, het parcours eigenhandig verandert, volgt uitsluiting.

c. Een deelnemer mag de barrage niet meer verkennen zodra hij het basisparcours heeft gereden.

Secretariaat Achter 't Peerd | Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. | © Chair-man.nl

Copyright 2011.